woensdag 21 juli 2010

Orgelmuziek uit anderhalve eeuw op Martini-orgel

Driemaal Papa Bach
De Tsjechsche organist Jiri Rohel (geboren 1979 te Ostrava), die thans aan het Conservatorium in Groningen studeert bij Theo Jellema (orgel) en Johan Hofman (klavecimbel), presenteert op vrijdag 23 juli tijdens het Tweede Lunchconcert in de Zomerreeks 2010, vijf composities uit een periode van zo'n anderhalve eeuw, waarvan de laatste al meer dan tweeënhalve eeuw geleden werd geschreven.
Ter opening zal de F
antasia in G-groot BWV 572, geschreven vóór 1708 van Johann Sebastian Bach klinken — een repertoirestuk voor menig organist, dat bijna in evenzovele stijlen wordt gespeeld, al is het een door en door Barok-compositie. Het Schnitger/Ahrend-orgel biedt zo'n musicus ruim de gelegenheid zijn kunsten te verklanken. Helaas houdt niet ieder van hen zich aan het door Bach voorgeschreven in het derde gedeelte daarvan.


Jiri Rohel sluit het concert af met eveneens twee stukken van Papa Bach. Eerst klinkt
Nun komm der Heiden Heiland (BWV 659 — uit het Orgelbüchlein, Weimar 1713-1717) op de Luther-tekst uit 1524:
Nun komm, der Heiden Heiland,
der Jungfrauen Kind erkannt,
des sich Wunder alle Welt,
Gott solch Geburt ihm bestellt.

De kroon op dit optreden zal worden gezet door de Toccata en Fuga (BWV 538), de Dorische, zo genoemd naar de fuga ervan. Deze werd gecomponeerd tussen 1708 en 1717.

Sweelinck en Froberger
Tussen de drie Bach-composities brengt deze organist nog twee andere werken ten gehore van internationaal befaamde orgelcomponisten. Allereerst de vermaarde Fantasia chromatica van Jan Pieterszoon Sweelinck (1562-1621). Johann Jakob Froberger (1616-1667) behoort eveneens tot de canon der grote namen als het om werken voor de Koningin der Instrumenten gaat. Diens suite Auf die Mayerin zal de imposante ruimte van de Martinikerk vrijdagmiddag vullen.

dinsdag 13 juli 2010

Lunchpauzeconcerten Martini-hoofdorgel van start

Op vrijdag 16 juli wordt het eerste Lunchpauzeconcert van een reeks van zes op het internationaal vermaarde — en volgens steeds meer kenners en liefhebbers: beste — orgel ter wereld, het hoofdorgel van de Martinikerk in Groningen [1], gegeven, zoals gebruikelijk tussen 12:45 uur en ongeveer 13:30 uur. Dit jaar zijn het alleen mannen die op het instrument komen spelen: één Tsjech — Jiri  Rohel— en voor de rest Nederlanders: Peter van der Zwaag, Lukas Jan Schoonbeek, Jochem Schuurman, en Gert Jan Schipper. Vrouwen doen dit jaar weer niet mee, of het moest al zo zijn tijdens het concert van 6 augustus — in het kader van het Peter de Grote Festival — maar dan worden de bespelers pas voorafgaande aan het gebeuren bekendgemaakt.



Naast de grote namen van componisten die veel, iets minder of weinig voor de Koningin der Instrumenten hebben geschreven — Rheinberger, Brahms, Mendelssohn, Reger, J.S. Bach, Sweelinck, Froberger, Weckmann, Böhm, Schumann, en Buxtehude — treffen we een paar namen aan die op dit punt wat minder wereldfaam genieten, maar daarom niet in het vergeetboek hoeven te worden bijgeschreven of anderszins genegeerd. Van twee van de laatste categorie treffen we werk aan, van elk van beiden één stuk, tijdens twee verschillende concerten. Daarbij gaat het om Jan Welmers (geboren 1937), van wie we binnen deze reeks al eens eerder een stuk op dit orgel hebben kunnen beluisteren, en tijdens het laatste concert een werk van de organist van die middag: Gert Jan Schipper (geboren 1975).

De entreeprijs voor elk van de concerten bedraagt slechts één euro.
__________
[1] De Belgische organist Kamiel D'Hooghe noemde het orgel "wellicht het schoonste ter wereld" toen hij in de herfst van 1984, kort na de oplevering van het gerestaureerde instrument, daarop een concert heeft gegeven.
Geïnteresseerden die te ver af wonen, maar toch willen kennisnemen van de kwaliteit van dit instrument, kunnen op de website van de Martinikerk zien welke cd's beschikbaar zijn.
____________
Afbeelding: Hoofdorgel van de Martinikerk in Groningen, getekend door Henk van Homeijer, 1993. (Origineel in bezit van Administratie Martinikerk.)

vrijdag 2 juli 2010

Zes kunstenaars met projecten bij Galerie Noord

Jong in Groningen
Op zaterdag 3 juli, om 17:00 uur wordt in Galerie Noord, in het rosse hart van de Stad — om precies te zijn in het perceel Nieuwstad 6 — een tentoonstelling geopend met de benaming Jong in Groningen. Daarmee biedt de galerie voor de tweede keer dit jaar — de eerste keer was in het voorjaar — een groepsexpositie van afgestudeerde kunstenaars die aan Academie Minerva te Groningen hebben gestudeerd en sedert die mijlpaal in 2009, nu voor het eerst laten zien wat een jaar beroepsuitoefening heeft opgeleverd. Het gaat daarbij om zes kunstenaars, van wie er twee samenwerken, hetgeen in deze expositie neerkomt op vijf projecten.


Deelnemers

De deelnemende artiesten zijn Dynke Kleefstra en Waalco Elema, Rozemarijn Nelissen en Feike Otto van der Zee, over wie we eerder hebben gepubliceerd op de zustersite Tempel der beeldende kunsten. Het vijfde project is van Jordi Damwichers en Hanny Verheezen.
Deze vijf tonen gezamenlijk een verscheidenheid aan werk dat in een denkbaar moeilijke periode is ontstaan: het eerste beroepsjaar en daarnaast een verslechterende economische situatie, die weinig gevolgen heeft voor die kunstenaars welke een voorkeur genieten van miljonairs, maar die voor allen die in de marge werken — en dat is voor de meesten van hen simpelweg het geval, en geldt tevens als je in zo'n jaar van je productie hebt kunnen bestaan.


Galerie Noord

Het tentoongestelde — tekeningen, schilderijen en ruimtelijk werk — is, naast de dag van de officiële opening van de expositie, te bezichtigen op dinsdag tot en met zaterdag van 13:00 uur tot 17:00 uur, alsmede tijdens elke eerste zondag van de maand. Aangezien de expositie tot en met 5 augustus wordt gehouden, is er in die ruime maand twee keer de gelegenheid om op zondag een kijkje in Galerie Noord te nemen, en op 23 weekdagen.
__________

Afbeelding: Werk van Rozemarijn Nelissen.
_________
Voorbeelden uit het werk van de anderen — van elk één stuk — zijn te zien op de hieronder genoemde websites:

http://gratiskunstencultuur.ning.com/profiles/blogs/galerie-noord-in-groningen

http://heinzwallisch.wordpress.com/2010/07/02/zes-jonge-kunstenaars-tonen-samen-vijf-projecten-bij-galerie-noord-in-groningen/


http://heinzwallisch.multiply.com/journal/item/621/Vijf_kunstprojecten_van_zes_deelnemers_tot_en_met_5_augustus_in_Galerie_Noord_te_Groningen


http://lettersenbeelden2.web-log.nl/mijn_weblog/2010/07/zes-kunstenaars-met-vijf-totaal-verschillende-projecten-bij-galerie-noord.html

dinsdag 29 juni 2010

Wisselgeld vereist: charme alleen is niet voldoende

CO2-opslag 'verkopen'
RTV Noord meldde in Noord Nieuws van heden dat het de regering — "het kabinet"— een charme-offfensief is begonnen om bewoners van onze provincie zover te krijgen dat bewoners van de voor opslag van CO2 onder de grond bedoelde plaatsen daarmee zullen instemmen. In Barendrecht, waar men aanvankelijk wilde overgaan tot opslag onder een woonwijk, bleek onvoldoende draagvlak — lees: fervente tegenstand — ten aanzien van de kabinetsplannen. Dat heeft ertoe geleid dat het feest daar niet doorging. In onze provincie schijnt meer bereidheid te bestaan met de plannen in te stemmen. Indien dat zo is, dient men in onze regio te beseffen dat akkoord gaan met wensen — en de daarop volgende besluiten — dient te worden gecompenseerd. Anders gezegd: die regering zal wel wat wisselgeld moeten meebrengen. Voor bijvoorbeeld de instandhouding van cultuur in de meest ruime zin, aangezien het Noorden anders weer onevenredig zal worden gepakt als straks de bezuinigings-ronden worden afgekondigd. 

Onvoldoende 'wisselgeld'

Eén symfonieorkest hebben we in het Noorden voor drie provincies en daarover werd in het Haagse al een half jaar geleden gefluisterd dat we straks blij mogen zijn als we dat ensemble op tweederde van de huidige sterkte kunnen houden, hetgeen inhoudt dat vanaf dan alle werken voor grote bezetting buiten ons blikveld (lees: directe gehoor) vallen en dat betekent dat men daarvoor naar het Westen des lands zal moeten, met als gevolg dat alleen mensen met een goed gevulde beurs nog dergelijke uitingen van cultuur zullen kunnen bezoeken.
Ook het Conservatorium van Groningen dient te blijven bestaan. Laat een inmiddels door steeds meer mensen gewenste commissie gerust bekijken of het in ons land eventueel met zes conservatoria kan in plaats van met de huidige tien, zonder dat daarbij van kwaliteitsverlies sprake zal zijn, en houdt de spreiding daarvan overeind tussen Groningen en Maastricht, met daartussenin de  Randstad Holland.
Goed twee decennia geleden wilden bepaalde belangengroepen reeds dat het aantal van deze instellingen voor hoger muziekonderwijs zou worden teruggebracht en dat de daarna resterende instellingen in de randstad en directe omgeving zouden blijven gevestigd. 


Gebrek aan inzicht

Dat de meeste 'Haagse' politici ons buitengebied alleen nog als wingewest — aardgas — beschouwen — al zullen ze dat nooit hardop zeggen —, weten we ook al zo lang als dat geweten kan worden. Er ligt dus een extra taak voor de regionale en lokale bestuurders om ervoor te zorgen dat onze eigen cultuur in de vorm van instituten die deze kunnen realiseren — direct of indirect — op niveau blijft gehandhaafd. En laten ze zich meteen sterk maken tegen het argument dat door Den Haag wordt gehanteerd als men bepaalde subsidies van professionele instituten intrekt met een veelal dwaze verklaring en de daaraan gekoppelde mededeling dat dit die gelden ten goede zullen komen aan amateurkunst. Dat is uitzinnige domheid of een zeer kwalijke vorm van boosaardigheid. Amateurkunst bestaat nu eenmaal uitsluitend per gratie van de aanwezigheid van zoveel mogelijk professionele culturele instellingen. Haal daar in tal van disciplines geld weg en zeer snel zal dat zijn weerslag vinden ten detrimente van niet alleen de professionelen, maar evenzeer van de voor de subsidiegelden beoogde amateurs.

woensdag 9 juni 2010

Twee klavecinisten spelen Das Wohltemperierte Klavier tijdens Bach Festival in Lutherse kerk


De twee deelnemers
Het komende weekeinde wordt in de Lutherse Kerk van Groningen Stad — gevestigd in de Haddingestraat — een tweedaags Bach Festival gehouden: op vrijdag 11 en zaterdag 12 juni.
Tijdens de avonduren, beide keren vanaf 20:15 uur, zullen alle achtenveertig onderdelen van Johann Sebastian Bach (1685-1750), welke tezamen bekend staan als Das Wohltemperierte Klavier door twee jonge klavecinisten worden uitgevoerd. Elk van beiden neemt één van de twee banden met 24 preludes en fuga's voor zijn rekening. Op vrijdag is dat de uit Nice afkomstige, Franse klavecinist Oliver Salandini (*1977); hij is organist van de basiliek Notre Dame in zijn woonplaats. De inhoud van de tweede band wordt zaterdag vertolkt door de Nederlandse klavecinist Robert Koolstra uit Groningen, die als organist in Delfzijl en Hoogkerk in functie is.

Das Wohltemperierte Klavier 
Tussen de twee afdelingen met elk vierentwintig preludes en fuga's van Das Wohltemperierte Klavier ligt bijna een kwart eeuw. De eerste helft — BWV 846-869 stamt uit 1722 en werd te Köthen afgerond, de tweede helft kreeg het jaartal 1744 met de toevoeging Leipzig opgeplakt. Oorspronkelijk bedoeld 'voor het onderwijs' — mede vanwege het voorkomen daarin van alle mineur- en majeur toonsoorten — bleek, op grond van het artistieke niveau, dat de wereld werd verrijkt met een der belangrijkste scheppingen der muziekgeschiedenis. Das Wohltemperierte Klavier heeft de onderscheidende kwalificatie Altes Testament der Musikgeschichte opgeplakt gekregen. Het kon dan ook niet uitblijven dat er 'enige tijd later' een Neues Testament zou volgen:  dat werden de 32 Klaviersonaten van Ludwig van Beethoven (1770-1827).
____________
Afbeeldingen
1. De Franse organist en klavecinist uit Nice, Olivier Salandini.
2. De Nederlandse klavecinist/organist uit Groningen, Robert Koolstra.

zondag 30 mei 2010

Meningen verdeeld over kunst langs Pieterpad Stad

Voor en tegen in evenwicht
Vrij snel na de publicatie van ons artikel van 16 mei over eventuele Kunst langs de Paddpoelsterweg binnen het stadsgebied, als onderdeel van de route die nationale bekendheid geniet als het Pieterpad,  kwamen er reacties bij mij binnen, zowel mondeling, alsook telefonisch, en niet in de laatste plaats langs de weg der elektronische post. Het aantal reacties tot op dit moment is te klein voor een definitieve beoordeling van de omvang van de stemming dienaangaande, dat wil zeggen: de verhouding tussen het aantal voorstanders en dat van degenen die er mordicus tegen zijn.
Om hier nu maar direct een misverstand uit de weg te ruimen: ik ben niet de initiatiefnemer van een eventueel Project Kunst langs de Paddepoelsterweg, zoals omschreven in het artikel in kwestie. De titel heeft dat kennelijk doen vermoeden, vooral vanwege het woord gewenst daarin. Maar ook als de schrijver van een artikel iets helemaal niet persoonlijk wenst of beslist noodzakelijk vindt, blijft het gebruik van de term aanvaardbaar als blijkt dat anderen een dergelijke invulling wel gewenst vinden. Ik behoor niet tot de groep die zo nodig kunst langs die route wenst. Voor mij is het vele groen een zegen, maar ik ben evenmin een fervente tegenstander van de gedachte om er kunst aan te treffen, aangezien ik de charme ervan passief wel kan inzien, mits op de juiste wijze vormgegeven. En men zou als tussenvorm ook nog kunnen komen tot een kleine, ruim gespreide hoeveelheid kunstwerken, welke volstrekt in het kader passen.

Tegenstemmen

Een noordelijke publicist, die mij in particuliere correspondentie liet weten dat er reeds een kunstwerk te vinden is, en dat het daar maar bij moet blijven. Een respectabel standpunt, lijkt me. Maar dat betekent niet per definitie dat een daaraan volstrekt tegengestelde mening niet respectabel zou zijn of zelfs het overwegen waard. Als we de blik richten naar het Noorderplantsoen, is daar aan de Noorderbinnensingel, vlakbij de Nieuwe Ebbingestraat, reeds geruime tijd een Oeros te vinden, die relatief weerbestendig lijkt. Tussen dat vele groen is er geen sprake van een storend element tussen het vele groen.
Laat het duidelijk zijn: de structuur van het Noorderplantsoen is niet die van de Paddepoelsterweg, waardoor een vergelijking per definitie mank gaat, maar op laatstgenoemde locatie vinden we hoogspanningsmasten, die de eerstkomende eeuw vast niet onder de grond zullen verdwijnen, mede als gevolg van de financieel-economische crisis.
Ook een in onze buurt actieve bewoner schreef mij een mail met inhoud van gelijke strekking, doch ook hij ging er van uit dat ik de plannen zou hebben bedacht.

Voorstanders
Ik heb in het artikel van 16 mei reeds laten weten dat enkele kunstenaars die wonen en werken in de Trefkoel, zeer enthousiast reageerden op de mededeling dat er over dergelijke plannen werd gesproken. Wel heb ik die opgetogen mensen laten weten er zelf enigszins verbaasd te zijn nu er zal worden beknibbeld op vrijwel alles wat in de ogen van onze machthebbers niet direct tot de eerste levensbehoeften behoort. Dat de kunsten — de cultuur in het algemeen — daar altijd heel direct onder te lijden heeft als het om toekenning van subsidies gaat, is een decennialang bekend fenomeen, maar een al even lang foutieve instelling, aangezien in tijden van werkloosheid juist kunst en cultuur er (mede) voor kunnen zorgen dat niet nog meer mensen ook werkeloos worden naast hun werkloos zijn. Dat is nu eenmaal het grootste potentieel dat kunst in en met zich draagt: het vermogen tot activeren.

Kunst van buiten de wijk
Er meldde zich ook nog een beeldend kunstenares van buiten Groningen, die binnen haar werk stukken heeft, waarvan er in ieder geval één heel goed zou kunnen passen — volgens haarzelf in ieder geval — in het landschap in kwestie. Dezer dagen verschijnt op onze zustersite Tempel der Beeldende Kunsten een bijdrage over haar werk en haar galerie in de provincie.
Eén van degenen die onmiddellijk een eigen project wist dat in het landschap zou passen, is met het verhaal naar haar docent van Minerva gestapt, die het een grandioos idee vond en daar wel mogelijkheden ziet.

Iemand die mij meer dan eens op het thema heeft aangesproken, meldde dat kunstenaars die in het kader passend werk hadden staan, dit ook best in bruikleen zouden kunnen afstaan als het zou betekenen dat er om financiële redenen van een dergelijk project niets terecht zou kunnen komen.
Over al dergelijke aspecten van een eventueel project zou de bevoegde kunstcommissie van wijk of stadsdeel in kwestie zich nader kunnen beraden.

(wordt ongetwijfeld vervolgd)

dinsdag 25 mei 2010

Inleiding op, en muziek uit, de Leidse Koorboeken

Première in Groningen
Aanstaande vrijdag, 28 mei, 's avonds vanaf 20:15 uur, zal in de Martinikerk te Groningen de première worden verzorgd van een concert dat is samengesteld uit delen van de Leidse Koorboeken: muziek die al vier en halve eeuw niet meer is uitgevoerd. Het Egidius Kwartet heeft het aangedurfd om — gedurende de komende zes jaar — een reeks concerten te geven, verspreid over ons land, bij voorkeur in de zogeheten Getijden-kerken.
Het concert zal worden gegeven in vijf steden, te beginnen in Groningen. De twee opeenvolgende dagen, alsmede twee dagen in de week na deze zal in de overige vier steden deze bijzondere muziek ten gehore gebracht worden.


Inleiding

Op woensdag 26 mei zal, vanaf 20:00 uur, in de kapel van de Martinikerk in Stad een inleiding op de inhoud en de betekenis van de Leidse Koorboeken worden gegeven. Dit gebeurt door middel van een lezing, die is toegespitst op die koorboeken in relatie tot de zangpraktijk in de zestiende eeuw in de Martinikerk van Groningen. Jan Luth, hoogleraar aan de theologische faculteit van de Rijksuniversiteit Groningen, en Peter de Groot, artistiek leider van het Egidius Kwartet verzorgen die lezing. De toegang is gratis, en dat geldt eveneens voor de consumptie in de pauze.
Voor het concert moet echter wel entree worden betaald. De stoelen zijn verdeeld over twee rangen. Voorbespreking kan via de website van de Leidse Koorboeken. 

Meer info

Op genoemde website — die u via aanklikken van het hierboven gekenmerkte woord op uw scherm kunt laten verschijnen — staat meer informatie, ook kunt u een afbeelding van de schitterende koorboeken zien. In een YouTube-filmpje van negen minuten — dat op de site is opgenomen — kunt u nog meer aan de weet komen bij monde van Peter de Groot, en dat is mooi voor al degenendie niet persoonlijk naar de inleiding kunnen komen en voor hen die per definitie meer willen weten over dit 'gigantische project', waarover we op deze site en op onze zustersites en gelieerde elektronische publicaties meer zullen openbaren.