maandag 26 december 2011

Op tweede kerstdag 1966 stierf Ina Boudier-Bakker

Op tweede kerstdag in 1966 is de toen nog net redelijk befaamde Nederlandse schrijfster Ina Boudier-Bakker overleden te Utrecht, 91 jaar oud. Ze heeft enige tijd in Groningen gewoond toen haar echtgenoot directeur van een der postkantoren in Stad was. In haar Groningse tijd ging ze, zeker in de winter, niet veel buitenshuis, aangezien ze steen en been klaagde over de koude die in de noordelijke metropool zou heersen. In het huis aan de Noorderhaven zuidzijde ─ met zicht op de erker op de hoek van de Ossenmarkt waar W.F. Hermans later zou wonen ─ heeft ze de zeer omvangrijke roman De klop op de deur geschreven. Dit boek is voor het eerst in 1930 uitgekomen, en heeft een tijdlang aanleiding gevormd om het voormalige huis van de heer en mevrouw Boudier in literaire stadswandelingen door Groningen op te nemen.
Later, na haar overlijden, is het in een sterk bewerkte versie als serie op de Nederlandse televisie vertoond.
Ina Bakker werd 15 april 1875 te Utrecht geboren. Haar debuut ─ Najaar ─ werd gerealiseerd in het juni-nummer 1899 van het tijdschrift Nederland. Naast het vele proza dat ze in de loop van zo'n zes decennia heeft gerealiseerd, heeft ze enkele drama's en gedichten geschreven. Haar laatste proza, Honger, is in 1962 uitgekomen en werd beschouwd als een geschiedenis die "uit haar krachten (was) gegroeid".
De oorlogsherinneringen van mevrouw Boudier ─ Met de tanden op elkaar: Dagboeknotities '40-'45, posthuum verschenen in 1975 ─ geven een redelijk beeld van haar leven en dat van diverse van haar vrienden en kennissen gedurende die gruwelijke periode in de Nederlandse geschiedenis.
De auteur heeft zich op twee manieren met het fenomeen sprookje ingelaten: in het korte essay De verschijningen der menschenziel in het sprookje (1932), acht jaar later door middel van  Uren m
et Andersen. Tevens had de 'vrouwenkwestie' haar aandacht. In 1921 verscheen haar brochure De moderne vrouw en haar tekort.

vrijdag 9 december 2011

Bijna vier eeuwen geleden overleed Ubbo Emmius

Op deze dag in 1625 is de in 1547 geboren Ubbo Emmius ─ mede-oprichter en eerste rector magnificus van de Hogeschool te Groningen, de latere Rijksuniversiteit ─ overleden. Naast die leidende functie aan de Hogeschool was hij hoogleraar Geschiedenis en Grieks. Voordien was hij rector in het Oostfriese Norden en Leer geweest. Tevens was hij cartograaf en in die hoedanigheid maakte hij niet alleen beschrijvingen van Ostfriesland en van onze provincie Friesland, maar tevens van Stad en Lande.

Ubbo Emmius, portret van een onbekende meester.

Ubbo Emmius was in het Oostfriese Greetsiel geboren als zoon van een predikant. Zowel in plaatsen aldaar alsook in Groningen zijn straten naar hem genoemd: in Stad zijn dat de Ubbo Emmiussingel en de Ubbo Emmiusstraat.

woensdag 30 november 2011

Opera Zuid: Katja Kabanova in Stadsschouwburg

Scène uit Katja Kabanova door Opera Zuid. Regie van Harry Kupfer.
Karin Strobos en Johanni van Oostrum. Foto: Morten de Boer.
Sedert twee weken is Opera Zuid op tournee met de opera Katja Kabanova uit de periode 1920-1921, gecomponeerd door de Tsjechische meester van Leoš Janáček (1854-1928). Het libretto daarvoor heeft hij zelf geschreven, op basis van een toneelstuk Het onweer uit 1859, van de hand van de Russische auteur van voornamelijk drama's Aleksandr Ostrowski (1823-1886).
Opera Zuid heeft voor de regie de internationaal vermaarde Harry Kupfer aangetrokken.
Meer over de achtergronden van 
Janáčeks muziekdrama hebben we in een artikel van 12 oktober gepubliceerd op onze zustersite Tempel van het Muziektheater.
Aanstaande zaterdag, 3 december is de voorstelling te zien in de Stadsschouwburg van Groningen. De voorstelling wordt gezongen in het Tsjechisch en van Nederlandse boventitels voorzien.

Johanni van Oostrum in een scène uit Katja Kabanova door
Opera Zuid, in de regie van Harry Kupfer. Foto: Morten de Boer.

dinsdag 29 november 2011

Jules Verne gaf in 1887 een lezing in Groningen

Op deze dag, 29 november, in het jaar 1887 ─ alweer even geleden dus ─ heeft de Franse auteur, die internationale roem zou vergaren, vooral door zijn reisverhalen met fantasie-elementen, waarvan er vele vrij snel werkelijkheid zijn geworden ─ die hem de naam hebben gegeven dat hij de vader van de Science Fiction-literatuur was ─ Jules Verne (1828-1905) een lezing gegeven in het gebouw Harmonie in de Oude Kijk in 't Jatstraat te Groningen. Dat was weliswaar een gebouw met dezelfde naam als dat uit 1891, waarvan de gevel aan de voorzijde op het plein (met het standbeeld van Aletta Jacobs) nog in tact gebleven is, maar dat nog niet was voorzien van de concertzaal met de wereldwijd geroemde akoestiek.
__________
Afbeelding: Auteur Jules Verne, op de gevoelige plaat vastgelegd door de roemruchte Franse fotograaf Félix Nadar (1820-1910). Die naam was een pseudoniem van Gaspard-Félix Tournachon.

donderdag 24 november 2011

Dirigent en organist Charles de Wollf overleden

Dirigent/organist Charles de Wolff, die al decennialang in Vierhouten woonde, is op 23 november in een zienhuis te Zwolle overleden. Hij werd 79 jaar: op 11 juni 1932 was hij te Onstwedde geboren.

Dirigent Charles de Wolff in actie voor het Noordelijk
Filharmonisch Orkest te Groningen.
Tekening van Elzo Smid uit 1987. Collectie Heinz Wallisch. 

Bijna een kwart eeuw was hij vaste dirigent van het Noordelijk Filharmonisch Orkest te Groningen (1966-1989), voorafgegaan door vijf jaar gastdirecties in de tijd dat Roelof Krol de baton van Jan van Epenhuysen had overgenomen. Tegelijkertijd dirigeerde De Wolff het Toonkunstkoor Bekker in Groningen, eveneens ongeveer gedurende een kwart eeuw.

De Wolff vervulde gastdirecties over geheel Europa, van Noord tot Zuid. Met de Matthaeus Passion trad hij eveneens veel op buiten onze landsgrenzen.
Voordat hij vaste dirigent in Groningen werd, was hij reeds ─ als opvolger van de internationaal vermaarde Anthon van der Horst (1898-1965) ─ en op speciaal verzoek van die voorganger, dirigent geworden van de Nederlandse Bachvereniging met een jaarlijkse Matthaeus Passion in de Grote Kerk te Naarden. Later kwam er een splitsing in die vereeiging en vertrok De Wolff met een deel van de koorleden naar het nieuw op te richten Bachkoor Holland dat zich in de Pieterskerk te Leiden manifesteerde, onder meer met eveneens een jaarlijkse uitvoering van de Matthaeus Passion, die diverse keren rechtsreeks te zien was op onder meer de Nederlandse televisie.
Zelf vond De Wolff dat hij twee heel bijzondere mijlpalen in zijn carrière had:  als eerste de uitvoering van de Krönungsmesse van Mozart, ter gelegenheid van de inhuldiging van Beatrix von Lippe-Biesterfeld als Koningin der Nederlanden, op 30 april 1980. Dat deed hij met het Concertgebouw Kamerorkest.

Charles de Wolff aan de speeltafel van het Schnitger/Ahrend-orgel
in de Martinikerk te Groningen. Foto uit 1987 (Heinz Wallisch).

De tweede bijzonderheid vond hij het optreden in de Leidse Pieterskerk, zowel als organist alsook als dirigent van het Bachkoor Holland, ter gelegenheid van het bezoek van VS-president Bush (senior) in 1989.

Al heel jong trad Charles de Wolff op als organist, en ook in die functie heeft hij een enorme reputatie opgebouwd. Zijn meest geliefde orgel was het instrument van Franz Caspar Schnitger, in de St. Michaëlskerk te Zwolle, waar hij veel optredens heeft verzorgd, en waar hij diverse grammofoonplaten, onder meer voor het label Diskanto heeft opgenomen. Enkele van die opnamen zijn bekroond met een Edison. Tevens
 heeft hij, samen met de toenmalige eerste concertmeester van het Noordelijk Filharmonisch Orkest, Jacques Meyer (geb. 1924), werk van oude meesters ─ Georg Friedrich Händel (1685-1759) en Tomasso Vitali (1663-1745) ─ eveneens voor Diskanto opgenomen.

woensdag 16 november 2011

In Lutherse Kerk: Severijn ─ geniaal of gestoord?

Een veelzijdig duo
Musica Antiqua Nova presenteert op zaterdag 19 november het laatste concert van 2011 in het seizoen 2011/2012, zoals gebruikelijk in de Lutherse Kerk te Groningen. Daarin treedt het duo Severijn op met het programma Geniaal of gestoord?


Severijn werd opgericht in 1998 door de tweeling Judith en Tineke Steenbrink. Laatstgenoemde speelt orgel en klavecimbel, de andere helft van het eeneiige stel heeft de viool als instrument.

Muzikale achtergronden

Sedert het bovengenoemde jaartal vormen de beide vrouwen een officieel duo, maar hun muzikale achtergrond bestaat sinds hun vroegste jeugd: doordat ze in een muzikaal gezin 
zijn opgegroeid met een groot huis waarin diverse instrumenten verspreid waren opgesteld ─ harp, accordeon, cello en een Gaveau-piano ─ en de menselijke stem eveneens als instrument werd ingezet, was het scala aan mogelijkheden zeer gevarieerd.Het seizoensprogramma van MAN vermeldt dat de muziek "direct bij je binnen" dringt en je "niet meer loslaat". Muzikale ideeën volgen elkaar zodanig op dat de indruk zou kunnen ontstaan geen van de onderdelen met de andere te maken heeft. Een spannend avontuur!


Bloemsierkunst
De vaste bezoekers van de concerten van Musica Antiqua Nova in de Lutherse Kerk in Stad zullen hebben vastgesteld dat er op de linker hoek van het podium steeds een staaltje bloemsierkunst is geplaatst. Beeldend kunstenares Joukje Pees verzorgt dit element.

zondag 13 november 2011

Directe gevolgen van wereldpremière in Groningen

Vioolconcert
Goed twee weken geleden, op vrijdag 28 oktober, werd in de Immanuëlkerk aan het Overwinningsplein in Groningen Stad de wereldpremière gegeven van het Vioolconcert van Stephen Melillo in de oorspronkelijke versie voor symfonieorkest. In de dagen die vielen in december 1999 en januari 2000 heeft de componist dit werk voltooid, maar helaas was er niet zodanige belangstelling voor dat het ook kon worden gespeeld. Daarom heeft Stephen Melillo besloten er ook een versie voor viool en harmonieorkest van te maken. Die versie is wel uitgevoerd: in Duitsland, onder leiding van de componist (zie foto).

Stephen Melillo dirigeert een uitvoering van zijn Vioolconcert in de 
versie voor harmonieorkest in maart 2006 te Ehehingen, BRD.

Het in Nederland gevestigde instituut Stormworld Europe, dat beschikt over de rechten van alle composities die Steven Melillo voor Band (harmonieorkest) heeft gecomponeerd, is ─ samen met de uitgever van deze partituur ─ met succes op zoek gegaan naar een ensemble en een violiste die
het in de vingers heeft: Carla Leurs. Het resultaat daarvan was te horen en te zien in Groningen op 28 oktober, in Assen op 30 oktober.

Tuba-duet
Enige dagen voordat de première werd gerealiseerd, heb ik contact opgenomen met de componist, omdat ik enkele vragen, op- en aanmerkingen had. Op de dag voor de eerste uitvoering verzocht Stephen Melillo mij, één van zijn composities, een Tuba-duet, aan dirigent Joost Smeets te geven als blijk van erkentelijkheid voor het feit dat hij met zijn orkest, de KamerFilharmonie Der Aa de première wilde realiseren van Steve's Vioolconcert, elf jaar nadat de componist deze oorspronkelijke versie had afgerond.
Binnen twee weken nadien liet Stephen Melillo me weten dat Joost Smeets, vanzelfsprekend samen met een andere tubaspeler, dit Duet voor cd zal opnemen, en die zal vervolgens deel uitmaken van een box met 21 cd's met werken van dezelfde componist, die in voorbereiding is.

Reacties in VS
Van de Engelse versie van de recensie, evenals de Nederlandse opgenomen op deze site, op zaterdag 29 november, heeft de componist naar tal van relaties in de Amerikaanse muziekwereld de link opgestuurd, en daarop kwamen al binnen enkele uren na verzending enthousiaste reacties. Inderdaad, voornamelijk van musici die vertrouwd zijn met het werk van deze componist, en die in de recensie precies dat
 meenden terug te vinden wat ze zelf aan opvattingen over veel meer composities ─ dan alleen dit Vioolconcert ─ van Stephen Melillo koesteren.

woensdag 9 november 2011

Luthers Bach Ensemble: Hohe Messe in kleine bezetting, tijdens de komende dagen tweemaal

Abdijkerk Aduard.
Twee dagen achtereen
Het Luthers Bachsensemble, onder leiding van Tymen Jan Bronda,  voeren de komende dagen tweemaal de h-Moll Messe (Mis in b-klein) van Johann Sebastian Bach (1685-1750) uit, op zaterdag 12 november, vanaf 19:30 uur, in de Abdijkerk van Aduard. De zondagochtend daaropvolgend wordt de uitdaging voor een tweede keer aangegaan, in de ─ voor vele concertbezoekers in Stad en Ommeland vertrouwde ─ entourage van de Lutherse Kerk in de Haddingestraat van Groningen, binnen de Cantatedienst welke op die zondag de dertiende november, zoals gebruikelijk, om 10:00 uur zal beginnen.
Het Luthers Bachsensemble zou die naam niet (moeten) dragen indien de musici niet in eerste instantie belangstelling voor het oeuvre van Papa Bach zouden koesteren en wel zodanig dat die ook leidt tot actieve deelname in projecten.


Omvangrijk doch bescheiden
Ornament ter
rechterzijde op
de website van
Luthers Bach
Ensemble.
Reeds eerder ─ gedurende de afgelopen vijf jaar; ergo: vanaf het begin van het bestaan van dit ensemble ─ hebben de instrumentalisten en vocalisten van het hier genoemd ensemble reeds vier Lutherse missen van geringere omvang gezongen en gespeeld; nu is de tijd gekomen om de "grootste en mooiste mis" van deze componist "op de lezenaar" te leggen en voor de gevolgen van die, zo simpel lijkende, daad in te staan, met een interpretatie die in zowel de Abdijkerk van Aduard, alsook in de vertrouwde omgeving van de eigen gebeds- en eveneens concertruimte, op de juiste wijze tot klinken zal komen.
Men heeft gekozen voor een kleine bezetting, en dat is in ieder geval dichtbij Bach. Het barokorkest zal voor u spelen in enkele bezetting, het kleinkoor bestaat voor deze gelegenheid uit zestien zangers. Solistische medewerking zal worden verleend door
Stefanie True ─ sopraan
Satoshi Mitsukoshi ─ tenor
Andrew Hallock ─ altus

Jussi Lehtipuu ─ bas

zaterdag 29 oktober 2011

Thunderous success for the world premiere of Stephen Melillo's Violin Concerto in Groningen

Carla Leurs: flawless performance. 
Great style
Normally I never begin a review or a concert-report with the soloist and her/his capacities in combination with an ensemble ─ not even when the performance is the first of a series ─ but for the first time in four decades I have put aside that principle, simply because (Dutch) violinist Carla Leurs, as well as the orchestra KamerFilharmonie Der Aa (ChamberPhilharmony Der Aa) in Groningen, The Netherlands, have established quite a performance with the Violin Concerto by the American composer Steven Melillo (*1957) which not only exceeds every form of amateur-artistry, but to which many professional orchestras could look at and listen to in envy.
In taking the risk of programming a concerto by an ─ at least in our region and up to the first performance ─ unknown American composer, the KamerFilharmonie Der Aa did display courage, the right policy and loyalty ─ if not high fidelity ─ to the phenomenon music. The publisher of this opus ─ who was present at this first performance ever, in the Immanuel Church in Groningen ─ had asked Carla Leurs to play the concerto, which she did with an admirable, striking approach, here and there disregarding possible threats or dangers: with great success.
The acoustics in the church are, at best, acceptable in the Romance (the second movement of the Concerto), in which much of the best by Sibelius could be found, although composer Stephen Melillo, up to that day, never heard music by Jean Sibelius (1865-1957; in the last of these two years Stephen Melillo was born). In the preceding Tormentations we encountered, next to the above mentioned Finnish master, rather much from the atmosphere in the oeuvre by Sergei Prokofiev (1891-1953), which Stephen Melillo accepts as a compliment. [1]

Composer Stephen Melillo.
We hope Steve will feel the same when I state that the Finale, a roaring allegro assai molto, evokes reminiscence to another, very important, Russian master of music: Dmitri Shostakovich (1906-1975) and his second Concerto for that same instrument.
Carla Leurs and the orchestra under the baton of chief-conductor Joost Smeets did not only become a standing ovation, but some Bravo-calls as well from the audience in a practically full church hall at the Overwinningsplein (Place of Victory ─ how adequate) in Groningen.
A violinist should have what it takes to show the courage to present the world's first performance of a piece as roaring, and therefore as difficult, full of changes of tempi and measures and changes in atmosphere, which do create a unity, especially under Carla's capable fingers and a sublime bowing, supported by a fabulous instrument from 1808 by Nicholas Laporte.
This opus out of the by now 1030 pieces by Stephen Melillo is a great gain for the repertoire and an eventual challenge for other violinists later on, and for the ChamberPhilharmony Der Aa, which now could take an option on the First Symphony by the same composer for the next season, especially since the audience gave his Violin Concerto such a warm acclaim.
Joost Smeets, conductor of the
KamerFilharmonie Der Aa in
Groningen, The Netherlands.
To realize a performance of these Melillo-symphonies the orchestra Der Aa has enough musicians (some 65), only the number of percussionists needed is larger than usual [2], but that already has been the case in the program Uit de nieuwe wereld (From the New World) of which this violin concerto has been a part.
(See also our article ─ only in Dutch ─ about the other three works of the same concert on our site Tempel der Toonkunst of today.)

Stephen Melillo's Second Symphony possibly will be played soon in Vienna, and I have been told that thoughts have been given, and will be given again, to a program with Carla Leurs and this very same Violin Concerto, to be performed in the Austrian capital as well.
__________
[1] Personal communication between composer and critic.
[2] idem.

Ovationeel succes voor de wereldpremière van het Vioolconcert van Stephen Melillo, met Carla Leurs

Carla Leurs: feilloze vertolking.
Grootse allure
Normaal gesproken begin ik een recensie of concertverslag nooit met de solist en diens verrichtingen in combinatie met een ensemble ─ ook niet als dat optreden als eerste op een programma voorkomt ─ maar in vier decennia wijk ik nu eens van dat principe af, simpelweg omdat zowel violiste Carla Leurs alsook de KamerFilharmonie Der Aa met het Vioolconcert van de Amerikaan Stephen Melillo (*1957) een prestatie heeft geleverd die niet alleen elke amateurkunst ver te boven gaat, maar waarnaar menig professioneel ensemble met afgunst kan omzien.
Het getuigt van moed, beleid, trouw aan de muziek en de durf om het risico te nemen, zoals de programmasamenstellers van de KamerFilharmonie Der Aa hebben gedaan, dit concert van een in Groningen en wijde omstreken tot enkele dagen geleden vrijwel onbekende componist op de rol te plaatsen. Carla Leurs had het verzoek gekregen van de uitgever van dit opus ─ die zelf tijdens de wereldpremière in de Immanuëlkerk aanwezig was ─ om het te spelen, en dat heeft ze met een bewonderenswaardige aanpak van grootse allure gerealiseerd, hier en daar zelfs met niet geringe doodsverachting: de akoestiek van de kerk in kwestie is hooguit aanvaardbaar in de Romance (het tweede deel van het Concerto), waarin veel Sibelius te horen viel, al heeft componist Stephen Melillo zelf nog nooit muziek gehoord van Jean Sibelius (1865-1957: in dat laatste jaar werd deze Steve geboren). In het aan de Romance voorafgaande deel, Tormentations kwamen we, naast genoemde Fin, ook flink wat van de sfeer uit het oeuvre van Sergej Prokofjev (1891-1953) tegen: voor de maker van het vioolconcert een compliment. [1]
Componist Stephen Melillo.
Hopelijk vindt hij dat ook als het razende Allegro assai molto veel reminiscenties blijkt op te roepen aan een andere, zeer grote Russische meester: Dmitri Sjostakovitsj (1906-1975) en diens tweede concert voor dat instrument.
Carla Leurs en het orkest onder leiding van chef-dirigent Joost Smeets kregen niet alleen een staande ovatie, maar tevens enig Bravo uit het relatief talrijke publiek in de bijna geheel gevulde kerkzaal aan het Overwinningsplein in Groningen.
Als violiste mag je van goeden huize zijn als je het aandurft de wereldpremière te geven van zo'n razend moeilijk stuk vol tempo- en maatwisselingen en veranderingen qua sfeer die wonderwel tot een eenheid werden gesmeed onder Carla's bekwame vingers en een zeer vakkundige stokvoering, ondersteund door een geweldig instrument van Nicholas Lupot uit 1808.
Dit opus uit de inmiddels 1030 stukken van Stephen Melillo is een aanwinst voor het repertoire en een eventuele uitdaging, voor andere violisten in een later stadium, en in tweede instantie voor de KamerFilharmonie Der Aa, die nu de Eerste Symfonie van deze zelfde componist in het komende seizoen op het programma zou kunnen zetten, helemaal nu de toehoorders zo enthousiast bleken.
Voor de uitvoering van die symfonieën beschikt het ensemble over voldoende musici, alleen het aantal slagwerkers is groter dan gebruikelijk [2], maar dat was in het programma Uit de nieuwe wereld ook al het geval.
Stephen Melillo's Tweede Symfonie wordt mogelijk binnenkort in Wenen gespeeld, en ik heb vernomen dat er wordt nagedacht over een programma met Carla Leurs en dit Vioolconcert, eveneens in de Oostenrijkse hoofdstad.
__________
[1] Dat liet Stephen Melillo me in privé-correspondentie weten.
[2] idem.
__________
Zie ook de bijdrage op onze zustersite Tempel der Toonkunst voor nadere berichtgeving over de andere stukken uit het programma Uit de nieuwe wereld van de KamerFilharmonie Der Aa ─ dat aanstaande zondag, 30 oktober, zal worden herhaald in het IOC De Schalm te Assen; aanvang eveneens 20:15 uur.
Komt allen en zegt het voort.

zondag 23 oktober 2011

Amerikaans programma KamerFilharmonie Der Aa

De Amerikaanse com-
ponist Stephen Melillo
Uit de Nieuwe Wereld
Op het concertprogramma in Groningen en Assen [1] van het relatief nieuwe, noordelijke symfonieorkest ─ in principe voor Groningen en Drenthe, het voormalige speelgebied van het NFO [2]: de Kamerfilharmonie Der Aa, die de afgelopen twee seizoenen haar bestaansrecht ruimschoots heeft bewezen; niet alleen met de kwaliteit van haar uitvoeringen, maar tevens met een originele programmering ─ staan vier composities, waaronder een première, alle van Amerikaanse bodem.
De titel van dit hoofdstuk verwijst naar de Negende Symfonie van Antonín Dvorák, die deze componist begin twintigste eeuw in dat werelddeel heeft geschreven, op basis van al zijn Amerikaanse indrukken. Daarnaast heeft hij kamermuziek gecomponeerd die naar Amerika verwijst. In de loop van de twintigste eeuw heeft dat continent ook enige vooraanstaande meesters voortgebracht.

Wereldpremière
Na twee seizoenen met in totaal vier concerten in zowel de provincie Groningen alsook in Drenthe, waagt de Kamerfilharmonie Der Aa zich aan een wereldpremière: van de zeer vruchtbare Amerikaan Stephen Melillo.
Carla Leurs.
Carla Leurs zal diens Concert voor viool en orkest voor het eerst uitvoeren, op vrijdag 28 oktober in de Immanuëlkerk te Groningen ─ waar ook de eerste drie van de vier concerten van de Kamerfilharmonie Der Aa werden gegeven, gevolgd door Assen, op zondag 30 oktober.
Meer over dat opus in de recensie, die u eveneens op deze site, na de eerste uitvoering kunt lezen.

De andere stukken
Na het openingswerk volgen nog drie stukken, twee daarvan zijn van Leonard Bernstein (1918-1990): voor de pauze zullen Three dance episodes from On the town worden uitgevoerd; als slotstuk zullen de Symphonic Dances uit West Side Story worden gespeeld.
Maar voordat het zover is, zal chef-dirigent Joost Smeets eerst nog First Essay for Orchestra spelen van Samuel Barber (1910-1981).
__________

[1] Het concert in Groningen begint om 20:15 uur. Dat in Assen, in ICO De Schalm, begint eveneens om 20:15 uur.
[2] Noordelijk Filharmonisch Orkest ─ orkest van Groningen en Drenthe, luidde de officiële naam van het ensemble.

vrijdag 21 oktober 2011

Fretwork speelt Bach, zondag in Lutherse Kerk

Fretwork
Het Britse gambaconsort Fretwork bestaat sedert 1986; het enesemble telt zes musici. Het repertoire dat de groep presenteert, beslaat een lange periode, te beginnen in de Renaissance, gevolgd door Engelse muziek uit de tijd van koningin Elizabeth en die van koning Jacobus. Arrangementen van de muziek van Papa Bach (1685-1750) zijn evenzo alledaagse kost voor deze zes strijkers als de hedendaagse muziek die speciaal voor hen wordt gecomponeerd.
Richard Boothby van de groep Fretwork heeft een van Bachs grootse stukken voor klavecimbel bewerkt voor zes gambaspelers.

Johann Nikolaus Forkel,
musicus, musicoloog en
Bach-biograaf (1802).
Goldberg Variaties
De Goldberg Variaties vormen het Vierde deel van de Clavier-Übung, gepubliceerd in het laatste decennium van Bachs bestaan: in 1741 of 1742 als Aria mit verschiedenen Veränderungen, BWV 988. De titel is niet afkomstig van de componist zelf, maar van Johann Nikolaus Forkel (1749-1818), die in zijn Bach-biografie, verschenen in 1802, deze benaming gebruikt. Voor klavecinist Gottlieb Theophilus Goldberg (1727-1756), die vanaf zijn tiende jaar (de zo ongeveer briljantste leerling van Papa Bach was), heeft Bach deze variaties op verzoek van een derde partij geschreven, opdat die jongeman iets zou hebben om zijn slapeloze nachten door te komen.

Gamba-magie
De uitvoering die het gambaconsort Fretwork op zondag 23 oktober, 's middags vanaf 15:00 uur in de Lutherse kerk te Groningen geeft, als onderdeel van de programmering voor het seizoen 2011-2012 van Musica Antiqua Nova, wordt vooralsnog beschouwd als de meest ongebruikelijke versie, gerealiseerd door gambist Richard Boothby, stichtend lid en één van de nu nog vijf leden van het consort. Hiermee gaat het ensemble ver terug in de tijd; een volgens Fretwork logische stap, gezien de voorkeur van Johann Sebastian Bach voor de viola da gamba.

De viola da gamba in verschillende maten.

Saillant detail daarbij is dat dat instrument reeds in Bachs tijd ─ nu alweer meer dan tweeëneenhalve eeuw geleden als ouderwets gold.
De openingstonen van de Aria, hier gespeeld door één gamba, vormen de basis voor het thema en de variaties.
Tot slot wordt de Aria, met een duur van zo'n drie minuten, herhaald.

dinsdag 18 oktober 2011

Guildford Cathedral-koor vrijdag in Lutherse kerk

Britse traditie
Veel liefhebbers van koorzang ─ met name degenen die voorkeur hebben voor gewijde muziek ─ bleken zeer gesteld op hetgeen David Wilcox met zijn King's College Choir in Cambridge heeft gepresteerd, nu alweer een halve eeuw geleden. Hun grootste succes, in ieder geval in ons land, doch beslist niet alleen daar, behaalden dirigent en zangers met hun opname van The Psalms of David. Sedertdien zijn er nogal wat zanggroepen ─ en niet in de laatste plaats kathedrale jongenskoren ─ uit de schaduw getreden.
Zo'n rijkdom in Groot-Brittannië en ─ als gevolg van de aanwezigheid van moderne middelen van communicatie, die vrijwel dagelijks geavanceerder worden ─ tevens in het grootste deel van de rest van onze globe, is kunnen ontstaan doordat jongens vanaf zeven jaar dagelijks muzieklessen krijgen en allengs worden gevormd tot professionele zangers die elke dag hun stem laten horen tijdens de diensten in de talrijke kerken in Engeland en de rest van Groot-Brittannië. Die vakzangers ─ en dat geldt voor alle stemmen ─ hebben een conservatorium-opleiding en zijn vaak begonnen als jongenssopraan in een der koren van de vele kathedralen.

Speciaal gecomponeerde koormuziek
De mannen, eenmaal volwassen, zingen ─ bij het grootste gedeelte van de kathedralen in hun land ─ elke week in ieder geval één zogeheten evensong, maar dan zonder jongens. [1]
Het ligt voor de hand dat er dan ook veel muziek is gecomponeerd voor die gelegenheid. In ons land is dergelijke muziek relatief onbekend, en derhalve nog deels onbemind, maar mag men er dientengevolge niet van uitgaan dat dit zo moet blijven. Een kennismaking zou dan ook een openbaring kunnen zijn.
Degenen die wel graag eens met deze vorm van hoogwaardige vocale muziek in aanraking willen komen, krijgen op vrijdag 21 oktober in de Lutherse kerk te Groningen. De Guildford Cathedral Lay Clerks ─ dat is de officiële naam van deze groep
zangers ─ geven daar een concert met koorwerken uit een periode, die is begonnen in de Renaissance en loopt tot in onze dagen. In Sorrow and in Joy ─ music for men's voices luidt het motto.

Componist Thomas Tallis.
Dit mannenkoor zal niet alleen de Lamentations [2] van Thomas Tallis (ca. 1506-1585) zingen, maar tevens great Lord of the Lords van de Ierse musicus en leraar Charles Wood (1866-1926), alsmede diverse andere stukken, zoals het Ave Maria van Franz Xaver Biebl (1906-2001).
Meer daarover kunt u lezen door hier te klikken.

De zangers
De groepering Guildford Cathedral Lay Clerks telt negen zangers: drie countertenors, drie tenoren en drie bassen, die als dubbel-koor fungeren en elk een eigen stem zingen, zoals dat in de koorbanken van een katholieke kerk gebeurt. Paul Provost, die assistent-organist van genoemde kathedraal is ─ heeft de leiding van deze mannelijke zanggroep.
Het concert in de Lutherse kerk op vrijdag 21 oktober begint om 20:00 uur.
__________
[1] In een enkel geval gaat het echter om meisjes.
[2] Naar het Bijbelboek Klaagliederen van Jeremia, gecomponeerd na 1559.

woensdag 12 oktober 2011

Van Swieten Society treedt deze zaterdagavond op in Lutherse Kerk Stad met Violoncello all'Inglese

Misverstanden
Enig geharrewar heeft ervoor gezorgd dat men niet meer zo zeker was of het voor dit seizoen geplande eerste optreden van de Van Swieten Society in de Lutherse Kerk in Groningen wel zou doorgaan, aangezien enerzijds in het seizoensprogramma van Musica Antiqua Nova er geen optreden in de chronologische vermeldingen stond (wel een advertentie van Van Swieten achterin), en voor de lezers van de fraaie krant van Van Swieten zelf er een andere datum werd genoemd.

Om nu alle twijfels uit de weg te ruimen, zij er hier nogmaals aan herinnerd dat het geplande concert in de Lutherse Kerk in Stad gewoon doorgaat, op zaterdag 15 oktober, vanaf 20:15 uur.

Meer over deze reeks van Van Swieten in dit seizoen, met de voor de vier series overkoepelende titel Romantische Reuzen, vindt u in ons artikel op de zustersite Muziek en mensen van heden.

Geen overbekende namen
Dat onbekend niet per definitie mag leiden tot onbemind, hebben diverse optredens van de Van Swieten Society ruimschoots aangetoond, en zolang deze groepering een mogelijkheid van bestaan wordt geboden, zal deze het bestaansrecht daarvan steeds opnieuw bewijzen.
Het concert in Groningen wordt geopend met het Divertissement nr. 2 in A-groot, gecomponeerd in 1811 te Moskou door John Field (1782-1837), te spelen door vijf van de zes optredenden: 2 violen, altviool, cello en piano.
Ferdinand Ries (1784-1838) is de volgende muziekmeester op het programma. Van hem speelt Bart van Oort met één der beide cellisten samen: Zes Russische Airs met variaties, opus 72, voor piano en cello, gecomponeerd in 1812 te Sint Petersburg.

Vervolgens spelen drie van de zes deelnemende musici [1] in deze serie Violoncello all'Inglesede Serenade voor twee celli en piano uit van Alfredo Piatti (1822-1901). [2]
Het concert zal worden besloten met een werk van de Engelsman William Sterndale Bennett. Meer daarover vindt u in een bovengenoemd artikel (met de link) van heden op onze zustersite Muziek en mensen. Daarin staan weer andere gegevens over het geheel dan u in deze bijdrage kunt lezen.
__________
[1] De deelnemende musici aan deze reeks concerten onder het motto Violoncello all'Inglese zijn
Heleen Hulst en Sara DaCorso (viool)
Örsze Adam (altviool)
Job ter Haar en Jan Insinger (cello)
Bart van Oort (piano)

 [2] De website, gewijd aan leven en oeuvre van Alfredo Piatti, noemt geen jaartal van ontstaan bij deze compositie.
__________

Afbeeldingen
1. Voorplat van seizoensprogramma en concertprogrammaboekjes van Musica Antiqua Nova, Groningen.

2. De Duitse componist Ferdinand Ries.
3. 
Componist en cellist 
Alfredo Piatti. Afbeelding overgenomen van de officiële website van Alfredo Piatti.
__________
NASCHRIFT zaterdag 15 oktober: Als gevolg van fysiek malheur van pianist Bart van Oort is het concert in de Lutherse Kerk van deze dag afgelast. Zodra we meer info hebben over de resterende concerten in deze reeks, zullen we daarop terugkomen in een separate bijdrage.

vrijdag 30 september 2011

Boeiend seminar RuG over Engelands fin de siècle cultuur en de invloeden in Nederland en België

Het op deze site aangekondigde seminar, getiteld Lopende vuurtjes, georganiseerd door Anne van Buul van de Faculteit der Letteren binnen de Rijksuniversiteit van Groningen over Engelse cultuur tijdens het fin de siècle, alsmede de invloed ervan op, en de integratie in, de cultuur van de Lage Landen verliep in een harmonische sfeer, al waren, en bleven, er vragen, die tijdens de gevoerde discussies naar voren kwamen.
Dertig deelnemers, inclusief de sprekers, stonden op de lijst; twee van hen hadden verstek laten gaan. Ik heb dat seminarium bijgewoond voor u en al de uwen, voor mijn lezers op andere, eigen, algemeen-culturele websites, alsmede enkele die specifiek zijn gericht op dat fin de siècle. Op de site van Peter Hoffman, All art is quite useless van Rond1900.nl, heb ik een ruim verslag met enig commentaar geplaatst. Dat kunt u lezen door hier te klikken.

donderdag 29 september 2011

Presentatie Tsjechov-publicatie van Bote de Jong

Onlangs voltooide Stadjer Bote de Jong een boekje met vertaalde, korte teksten van Anton Tsjechov.
Die publicatie zou heden worden gepresenteerd in een café in de Folkingestraat in Stad, nadat de eerder geplande locatie voor enkele, langjarig geïnteresseerden in elke Groningse publicatie ─ onder hen Kees van der Hoeff ─ niet goed genoeg toegankelijk werd geacht. Toch wijkt men voor de presentatie van de inmiddels tweede druk van Tsjechovs Naar een karakteristiek van de volken toch weer uit naar die oorspronkelijke locatie, Huis de Beurs, één der oud-vertrouwde bruine horecagelegenheden van Groningen. De presentatie is nu voorzien voor zondag 30 oktober, tussen 19:00 uur en 22:00 uur, in het kader van een ruimere presentatie met tevens nieuwtjes en poëzie van de Groninger Luister Kring.

Tsjechov-vertaler, de
Groninger Bote de Jong.
Foto: Vaszlovszky.
Belangstelling
De eerste druk van genoemd boekje is inmiddels, voornamelijk door toedoen van de auteur zelf, uitverkocht. Hopelijk zijn, in de tweede druk ─ welke dezer dagen van de persen rolt ─ de kleine omissies, die we aan de auteur en aan de uitgever hebben gemeld, aangepast.
Een wat gedetailleerdere bespreking, met daarin tevens eventueel gewenste, nadere gegevens, is te vinden op de Nederlandse site All art is quite useless van Rond1900.nl, over de cultuur van het fin de siècle; gepubliceerd op 18 september.


maandag 26 september 2011

Musica Antiqua Nova biedt de Van Swieten Society

Perikelen in ons cultuurleven
Voorafgaande aan het optreden van het Ensemble Fortuna in de Lutherse Kerk in Groningen, in de middag van een zomerse herfstzondag 25 september, refereerde één van de bestuursleden van Musica Antiqua Nova ─ die deze musici in de 2011-2012 seizoensprogrammering had opgenomen ─ aan de noodgedwongen doorgevoerde verhoging van de toegangsprijs. Om dat ietwat te compenseren, is besloten om met ingang van dit seizoen het programmaboekje gratis te verstrekken. Voor koffie of thee tijdens de pauze hoeft evenmin te worden betaald.

Fortepiano (kopie) van Bart van Oort (Van Swieten Society).

Van Swieten Sextet
Met enige bezorgdheid vermeldde de spreker dat er nog naar weinig aanmeldingen waren voor het eerstvolgende concert, op zaterdag 15 oktober aanstaande, 's middags, meldt het programmaboekje van deze zondagmiddag; het concert is echter, zoals gebruikelijk, om 20:15 uur. Dan zal een uit de Van Swieten Society gevormd sextet ─ fortepiano en strijkers ─ optreden. Zou het ook kunnen dat dit ontbreken van reserveringen voor dat bewuste concert te maken heeft met het feit dat dit niet chronologisch in het seizoensprogramma van 2011-2012 is opgenomen? Daarin staat als volgende groepering Fretwork op zondag 23 oktober, eveneens 's middags om 15:00 uur.
In het programmaboekje voor het concert van afgelopen zondag stond de presentatie van Van Swieten wel als eerstvolgende groep. Hopelijk helpt dat nog enigszins.
Als gevolg van het bijzonder mooie weer waren er krap vijftig bezoekers, die allen echter wel te horen hebben gekregen dat men op genoemde dag voor Van Swieten zeer welkom is, ook met extra mensen in het gezelschap.

vrijdag 23 september 2011

Ensemble Fortuna zondagmiddag in Lutherse Kerk

Een muzikaal luilekkerland
Zes eeuwen geleden waren er, anders dan vandaag de dag het geval is, in Italië allerlei 'fondsen' beschikbaar ter stimulering van de kunst, en niet in de laatste plaats voor de muziek, de meest mysterieuze en daardoor tegelijkertijd de meest onbeschrijflijke aller kunsten, hoezeer scribenten van naam en faam dat soms ook proberen, en dat ook vooral moeten blijven doen.
Genoemd land was onderverdeeld in tal van vorstendommen en andere afgebakende gebieden die in handen waren van edelen of wat daarvoor moest doorgaan. En, ook en vooral in deze context, mogen we de moederkerk met haar overweldigende invloed op de maatschappij niet vergeten. Aan de ene kant werd die invloed uitgeoefend ten detrimente van de vrijheid van het individu, maar daar stond tegenover dat de macht en invloed werd aangewend ten faveure van de cultuur in het algemeen en de muziek in het bijzonder. Al die instituties beschikten over voldoende middelen, ja zelfs over geld in overvloed. Een, door rancune jegens cultuur handelende, staatssecretaris, gedreven door wensen en verlangens tot destructie ─ alsmede door de wil deze verlangens in daden om te zetten ─ kende men er niet. Het begrip financieel-economische crisis kwam in de woordenboeken niet voor, simpelweg als gevolg van het ontbreken daarvan in de dagelijkse praktijk: kortom, er heerste in die context een situatie om ─ ook zes eeuwen na dato ─ met intense afgunst naar om te zien.
Guillaume Dufay, links bij het orgel. Rechts zien we de
componist Gilles Binchois (ca. 1400-1460) met een harp.
De afbeelding is afkomstig uit een miniatuur van 1440
die zich bevindt in de Bibliothèque Nationale te Parijs.

Guillaume Dufay en Johannes Ciconia

Het zal niemand verbazen dat in andere streken van ─ het ook toen op geen enkel punt waarlijk verenigde ─ Europa, op interesse en meer dan dat kon rekenen; dat wil zeggen dat diverse, en niet in de laatste plaats Vlaamse, meesters ─ welke toen Nederlandse componisten heetten en waren ─ zich van de situatie wel eens persoonlijk op de hoogte wilden stellen van de onbegrensde mogelijkheden in de geografische laars van het Avondland.
Johannes Ciconia (1370-1412) [1] en Guillaume Dufay (1397-1474) zijn voor hun inspanningen dienaangaande rijkelijk beloond met alleen al eigen werken uit die tijd en die omgeving, welke niet ten onrechte als geniaal worden bestempeld.
Die twee musici zijn erin geslaagd een amalgaam te scheppen van uiteenlopende stijlen uit Vlaanderen, Frankrijk en hun eigen Vlaamse gebied. Daardoor werd muzikale innovatie gerealiseerd met een compositorische expressie, welke een uiting van geslaagde globalisering is gebleken, zij het dat het fenomeen zich binnen één werelddeel afspeelde.
Onder het motto Adieu ces bons vins stelt het Ensemble Fortuna ons een muzikale reis voor door het laat-middeleeuwse Europa. Alle stijlen en genres van die periode komen aan de orde, variërend van de toenmalige gevestigde koorscholen [2] van de Lage Landen tot in de door pracht en praal zich onderscheidende Italiaanse hoven en kerken in de fraaiste steden van dat land.

Ensemble Fortuna, hier nog met een heer als vielle-speler.
Musica Antiqua Nova heeft een optreden van Ensemble Fortuna georganiseerd voor de middag van zondag 25 september vanaf 15:00 uur, in de Lutherse kerk van Groningen. [3]
Het Ensemble Fortuna bestaat uit
Hilde van Ruymbeke ─ sopraan
Christopher Kale ─ tenor
Elly van Munster ─ plectrumluit
Cassandra Luckhardt ─ vielle
Jacqueline Dubach ─ consortfluiten; tevens artistieke leiding.

Vielle. Hedendaagse reproductie van het instrument zoals dat te
zien is op een schilderij van Hans Memling (ca. 1430/1440-1494).

[1]
Johannes Ciconia was niet alleen componist maar eveneens een vooraanstaand muziektheoreticus.

[2] Vaak wordt het adjectief kathedrale toegevoegd aan dit begrip. Aangezien er in die tijd nog geen sprake was van een hervorming of Hervorming, mag men er altijd van uit gaan dat deze binnen de katholieke kerk en met name in kathedralen waren gevestigd.
[3] Musica Antiqua Nova hanteert gratis toelagang tot de concerten voor jongeren tot achttien jaar; een initiatief dat navolging verdient.

maandag 19 september 2011

RuG-seminar: over de overdracht en integratie van Engelse cultuur in Nederland en België rond 1900

Anne van Buul is medewerkster van de Rijksuniversiteit Groningen, waar ze op donderdag 22 en vrijdag 23 september een interdisciplinair seminar over de transfer (overdracht) en de integratie van Engelse cultuur rond 1900 in Nederland en België organiseert.
Onderzoekers uit verschillende disciplines zullen gedurende die beide dagen een poging ondernemen om een zo divers en omvangrijk mogelijk beeld te krijgen van de invloed welke de diverse aspecten binnen de Engelse kunst van die periode op de Belgische en Nederlandse cultuur hebben gehad tijdens het fin de siècle.
De vraag die centraal staat gedurende dat tweedaagse seminar is: hoe hebben individuen en instanties ervoor gezorgd dat de uit Engeland overgewaaide, respectievelijk geïmporteerde innovaties qua cultuur zich rond 1900 in ijltempo hebben verspreid, waardoor de invloed zich op tal van deelgebieden der kunsten, en mede daardoor op de maatschappij als geheel,
 heeft kunnen manifesteren.
Iedere geïnteresseerde is welkom om aan het seminar deel te nemen, alsmede aan de lunch. Daartoe kan men een (elektronische) mededeling sturen aan Anne van Buul: a.c.van.buul@rug.nl
Alle overige informatie met betrekking tot deze gebeurtenis is te vinden op de website van de Rijksuniversiteit Groningen:

www.rug.nl/let/lopendevuurtjes

vrijdag 2 september 2011

Charles Burney en organist Jacob Wilhelm Lustig

Charles Burney.

In het NTR-radioprogramma met de titel De Bedding, dat op zaterdag 3 september gedurende het laatste uur van de dag te beluisteren zal zijn via Radio 4, kunnen geïnteresseerden kennisnemen van Burney's lustige reizen ─ een hoorspel.
Daarbij gaat het om de hoorspel-bewerking van de vertaling in het Nederlands van de wereldvermaarde reisverslagen uit de achttiende eeuw van de Engelse doctor Charles Burney (1726-1814), gerealiseerd door de van oorsprong Duitse organist van de Martinikerk in Groningen gedurende de jaren 1728-1796, Jacob Wilhelm Lustig (1706-1796).
Eric van der Donk spreekt het personage Charles Burney; Jan van Eijndthoven is, in die context Jacon Wilhelm Lustig. De presentatie zal worden verzorgd door Jon Hille als verteller.
In mei 2008 werd in Groningen een Lustigdag gehouden. Meer daarover is te vinden in een artikel op deze site, gepubliceerd op 11 juli 2008.

maandag 29 augustus 2011

Kooikerhond Timo als muze voor beeldende kunst


De geportretteerde is steeds aanwezig
Op zaterdag 3 september wordt in Groningen, in het perceel Nieuwe Ebbingestraat 143 de expositie TIMO-mijn muze geopend. Daarbij gaat het om schilderijen, foto's, beelden en glas in lood-kunst, alle met uitbeeldingen van kooikerhond Timo. Al die stukken zijn gerealiseerd door Jolanda Meesters, beeldend kunstenares te Ezinge; tot medio augustus woonde zij in Groningen.
De tentoonstelling duurt tot en met 2 oktober en is alleen 's zaterdags en 's zondags te zien van 13:00 uur tot 17:00 uur.
Timo zelf is tijdens al die openingsdagen eveneens aanwezig.

maandag 15 augustus 2011

Laatste Lunchpauzeconcert 2011 op Martini-orgel

Belangstelling
Op vrijdag 19 augustus wordt alweer het laatste optreden in de reeks Lunchpauzeconcerten 2011 op het hoofdorgel van de Martinikerk in Stad gegeven, deze keer door Peter van der Zwaag. De opzet van de reeks is in 2011 weliswaar dezelfde gebleven als voorgaande jaren, maar dit jaar werd het eerste concert eerder gegeven in verband met het feit dat enkele vrijdagen er, in verband met andere evenementen, geen concert in de vroege middaguren kon worden gerealiseerd. Dat, gekoppeld aan het feit dat er in de media nauwelijks enige aandacht aan de reeks werd gegeven ─ dit in tegenstelling tot vroeger ─, leidde ertoe dat de kerk tijdens het eerste concert akelig leeg is gebleven. Allengs zijn er weer meer luisteraars gekomen. Twee weken geleden, tijdens het Peter de Grote Festival, signaleerde ik zo'n driehonderd bezoekers. Verleden week was de bezetting van de gereedstaande stoelen ook hoog: ruim boven de honderd mensen. Gewoonlijk komen er voor het laatste concert in de reeks de meeste bezoekers, als we even afzien van de belangstelling voor het concert tijdens genoemd festival.

Charles de Wolff aan de speeltafel van het hoofdorgel in de Martinikerk te Groningen, in de zomer van 1987.
Toen speelde hij onder meer werk van György Ligeti.

Eigentijdse werken

Het is, althans naar onze opvatting, een goede zaak dat organisten bij tijd en wijle ook trachten eigentijdse werken op dit orgel uit de sfeer der neo-barok voor te stellen. Dat dit niet altijd een even goed resultaat oplevert, mag een feit zijn en blijven, pogingen daartoe hoeven dientengevolge in ieder geval niet uit te blijven. Een kwart eeuw geleden speelde Charles de Wolff een stuk van György Ligeti (1923-2006) op dit Schnitger/Ahrend-orgel; het had een ruimtelijk effect dat aan het onwaarschijnlijke grensde: het leek wel quadrafonie. Helaas geldt dat niet per definitie, hetgeen werd bewezen door de leermeester van de organist van dit laatste concert: drie weken geleden waagde Theo Jellema zich aan Le banquet céleste uit 1928 van Olivier Messiaen, dat echter op dit instrument volstrekt niet tot zijn recht kwam, enige decennia geleden daarentegen wel op een relatief klein instrument: het Marcussen-orgel in de Doopsgezinde kerk in Stad.
Geert Baan speelde verleden week Thema met variaties van Hendrik Andriessen (1892-1981), en hoewel veel van diens werk nogal Frans getint is, kwam deze compositie in de gekozen registratie uitstekend over.

Programma
Het zal niet al te vaak gebeuren dat die zomerreeks wordt besloten zonder een compositie van Papa Bach, maar dit jaar is dat wel het geval. Zes stukken staan op het programma van Peter van der Zwaag (geboren 1986), die Nederlands Recht aan de Groninger Rijksuniversiteit studeert. Het gaat daarbij om zes componisten, die eeuwige roem hebben vergaard met hun werken voor de Koningin der Instrumenten. De oudste van hen is Jan Pieterszoon Sweelinck (1562-1621), de 'jongste' heet Dietrich Buxtehude (1637-1707), die dit seizoen goed was vertegenwoordigd. Als men diens Praeludia goed vertolkt voorgezet krijgt, kan men begrijpen waarom Johann Sebastian Bach uit Zuid-Duitsland helemaal te voet naar Lübeck toog om die meester te kunnen horen.
Van Nicolaus Bruhns is ook zeer dikwijls een stuk voor orgel in de Groninger Martinikerk uitgevoerd, en dat geldt eveneens voor alle andere klavierkunstenaars die op het programma van 19 augustus voorkomen. Naast de drie bovengenoemden zijn dat Matthias Weckmann (1616-1674), Franz Tunder (1614-1667) en Samuel Scheidt (1587-1654).