Posts tonen met het label Cultuurcentrum De Oosterpoort. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Cultuurcentrum De Oosterpoort. Alle posts tonen

dinsdag 17 januari 2012

Orkest Vrije Universiteit speelt in De Oosterpoort

In verband met het vijftigjarig bestaan van het Orkest van de Vrije Universiteit ─ gevestigd in Amsterdam ─ geeft dit ensemble, onder leiding van Daan Admiraal, de komende dagen twee concerten: het eerste in de onlangs qua meubilair aanmerkelijk verfraaide ─ want eindelijk niet meer voorzien van die pijnlijk agressieve oranje stoelen en rode, witte en blauwe indeling ─ grote zaal van het cultuurcentrum De Oosterpoort in de Stad Groningen.
Het concert wordt gegeven op zaterdag 21 januari, vanaf 14:15 uur. Op het programma staan twee werken: de uit 22 onderdelen bestaande, alleen in een waarlijk grote concertzaal tot zijn recht komende ─ compositie Eine Alpensinfonie, opus 64 voor orgel en groot orkest, geschreven in de jaren 1911-1915, van de veelzijdige Duitse componist en dirigent ─ tevens enige tijd politiek actief in de jaren van Duitse duisternis ─ Richard Strauss (1864-1949), alsmede de Muziek voor snaarinstrumenten, slagwerk en celesta uit 1936 van de Hongaar Béla Bartók (1881-1945).
Maandag 23 januari wordt het optreden 's avonds herhaald in het Concertgebouw te Amsterdam.
__________
Zie ook het artikel op onze zustersite Muziek en mensen, van dinsdag 17 januari.

woensdag 22 juni 2011

KamerFilharmonie Der Aa heeft met één seizoen haar bestaansrecht ruimschoots bewezen

Met het laatste concert ─ van de inmiddels vier ─ waarmee de KamerFilharmonie der Aa het eerste seizoen heeft afgesloten, heeft dit symfonieorkest zijn bestaansrecht opnieuw ruimschoots bewezen.
Ook deze keer werd het programma tweemaal gespeeld. Beide optredens werden overigens op andere locaties gegeven dan de beide voorafgaande concerten. Gezien het programma was De Schalm in Assen, met een beroerde akoestiek en relatief weinig ruimte voor bezoekers, geen optie; daarom was gekozen voor De Tamboer in Hoogeveen, waar ook veel meer stoelen beschikbaar zijn. De locatie in Groningen was ook een andere dan voor de beide voorafgaande concerten van dit seizoen: de grote zaal van De Oosterpoort herbergde deze keer drie à vier keer zoveel bezoekers als tijdens de optredens, eerder dit seizoen, in de Immanuëlkerk. Daar zou het gebouw uit de voegen gebarsten zijn door een uitvoering van de spectaculair-spetterende 'symfonie' van Johan de Meij met, oneerbiedig uitgedrukt, een hoop lawaai.
Daarvoor bood de grote zaal van De Oosterpoort een geschikte entourage. Eerder klonken daar ─ gespeeld door het Noord Nederlands Orkest ─ alle symfonieën van De Meij.

Kamerfilharmonie der Aa met gastdirigent Ivan Meylemans
op 17 juni 2011 in theater De Tamboer te Hoogeveen
The Lord of the Rings
Die Eerste Symfonie van Johan de Meij draagt de titel The Lord of the Rings, hetgeen aangeeft dat het hier om programmamuziek gaat, en voor menigeen duidelijk zal zijn welke de inspiratiebron voor de coimponist moet zijn geweest: het gelijknamige, omvangrijke boek van John Ronald Reuel Tolkien (1892-1973). Dat werd een wereldwijd succes en heeft in de tweede helft van de twintigste eeuw veel schrijvers van fantasy geïnspireerd. Het werd zeer geliefde lectuur, die echter geenszins de kwalificatie literatuur verdient. De meningen, respectievelijk de inzichten, omtrent die verhalen lopen uiteen van ongebreidelde bewondering aan en de ene kant tot complete afwijzing anderzijds. Om hier nu een persoonlijke noot toe te voegen: ik heb me tijdens de eerste dertig pagina's dermate verveeld, nu ongeveer een halve eeuw geleden dat ik het boek terzijde heb gelegd. Opvallend is dat ik vrijwel alleen maar mensen ken die hetzelfde hebben ondergaan.
Daar staat tegenover dat de inhoud nadrukkelijk spectaculair filmisch is, en dat is met de symfonie van Johan de Meij eveneens het geval. Zonder beelden is er echter geen sprake van interessante of boeiende muziek, al moet gezegd dat aan de hand daarvan wel kan worden vastgesteld of een ensemble goed is, en in die zin is het project geslaagd, en dat mag ook worden geconcludeerd uit de overwegend positieve reacties in de zaal en na afloop, al heb ik ook stemmen gehoord, die alleen waardering konden opbrengen voor de beide werken vóór de pauze.


Richard Strauss
Ter opening van het concert werd de Bläserserenade opus 7 uit 1880 van Richard Strauss gespeeld voor dubbele houtblazersbezetting met toegevoegde contrafagot en vier hoorns: dertien spelers in totaal. Het toenmalige Noordelijk Filharmonisch Orkest heeft dat stuk ongeveer een kwart eeuw geleden wel eens op hetzelfde podium ten gehore gebracht.
Het stuk is ontstaan in de gymnasiumtijd van Richard Strauss, die gewoon tijdens de lesuren zat te componeren, en die daarbij doorgaans niet door zijn docenten van werd weerhouden, aangezien die leerkachten zullen hebben herkend dat ze met een geniale jonge student van doen hadden. Een groots werk is het weliswaar niet, maar dat mag men ─ ondanks het feit dat zulks wel voorkomt ─ ook niet verwachten van een zestienjarige zonder conservatoriumopleiding.
Het stuk maakte een charmante indruk, zoals het werd uitgevoerd door die blazers met hun gastdirigent voor dit concert: Ivan Meylemans (40 jaar, assistent-dirigent van het Concertgebouworkest).

Tsjajkovski's Strijkersserenade
Lange tijd is de Strijkersserenade opus 48 van Pjotr Iljitsj Tsjajkovski (1840-1893) uit 1884 een der meest geliefde stukken van het klassieke concertpodium geweest, en werd deze compositie over de gehele aarde gespeeld waar ensembles waren gevestigd of tijdens een tournee optraden. Dat is de beide laatste decennia flink wat minder geworden.
Zelf heb ik de laatste directe uitvoering meegemaakt tijdens een concert in 1975 in De Muzeval te Emmen, waar het indertijd wereldvermaarde kamerorkest van Jean-François Paillard (geboren 1928) een concert gaf. Dat ensemble was er dermate mee 'vergroeid', dat wil zeggen het was zo'n repertoirestuk geworden dat de uivoering niet meer kon boeien, aangezien het al te gelikt overkwam en daardoor geenszins (meer) kon activeren.
De 33 strijkers van de KamerFilharmonie Der Aa onder Ivan Meylemans presenteerde een levendige versie, die helaas steeds werd onderbroken door volstrekt ongepast applaus tussen de delen. [1]

__________
[1] Dit probleem doet zich, helaas, steeds vaker voor, en dat vooral als het publiek niet gewend is om met enige regelmaat concerten te bezoeken. Bij de verschillende studentenorkesten in ons land is dat eveneens het geval, en helemaal als iemand vooraf vraagt om niet tussen de delen te applaudisseren. Men zou zoiets vetgedrukt in het programmaboekje moeten opnemen op een plek die de lezers niet kunnen negeren, behalve als het programmablad niet eens openen. Dan zijn de musici helemaal aan de heidenen overgeleverd, en dat zijn ze genoeg door de maatregelen van onbehoorlijk bestuur door de cultuurbeulen van Neerlands Binnenhof, waar de gekwadrateerde incompetentie heerst, in de eerste plaats waar het onze cultuur betreft.

donderdag 16 juni 2011

KamerFilharmonie Der Aa in Hoogeveen en Stad

Componist Johan de Meij;
foto van diens website
Verrassing in de Herestraat
Verleden zaterdag heeft de in Stad gevestigde KamerFilharmonie Der Aa op originele wijze aandacht gevraagd voor het concert dat de komende dagen ─ vrijdagavond in Hoogeveen, en zondagavond in Groningen ─ op het programma van dat symfonisch ensemble zal prijken.
Wat wordt omschreven als flashmob ─ ook alweer zo'n dwaas Yanken-begrip waarmee onze Nederlandse taal wordt vergiftigd ─, bleek in de praktijk een korte confrontatie van het winkelend publiek met klanken uit de symfonie nr. 1, The Lord of the Rings van de Nederlandse componist Johan de Meij (geboren 1953), gecomponeerd in de jaren 1984-1988 voor harmonieorkest en later bewerkt tot een partituur voor symfonisch ensemble. Die laatste versie zal tweemaal door de KamerFilharmonie Der Aa worden gespeeld.
Aan de kop van de Herestraat stonden de musici van het ensemble in vier instrumentengroepen opgesteld, waardoor de aandacht heel nadrukkelijk op de uitvoerenden en hun verrichtingen werd gericht.


Windkracht

Dat was, vanzelfsprekend, de bedoeling van de organisatoren, die ─ alweer vanzelfsprekend ─ graag willen dat er tussen die talrijke voorbijgangers, welke van lieverlee luisteraars werden, sommigen een stoel zullen gaan bezetten in de grote zaal van het cultuurcentrum De Oosterpoort als de KamerFilharmonie Der Aa daar op zondag 19 juni de gehele symfonie van Johan de Meij zal spelen. Voordien, tot aan de pauze, zullen tijdens datzelfde concert nog twee serenades: die voor Strijkers, in C-groot uit 1880 van Pjotr Iljitsj Tsjakovski (1840-1893); en die voor blazers uit 1884 van Richard Strauss.
Windkracht luidt het motto van het concert dat het ensemble niet alleen genoemde zondag in Groningen ten gehore zal brengen, doch al eerder, op vrijdag 17 juni, in theater De Tamboer te Hoogeveen zal presenteren.


(gast)dirigent Ivan Meylemans; foto overgenomen van diens website

 Gastdirigent
De twee voorafgaande concerten tijdens dit eerste seizoen van de KamerFilharmonie Der Aa werden gegeven onder de bezielende leiding van Joost Smeets. Voor het derde optreden is een gast gecontracteerd: Ivan Meylemans, assistent-dirigent van het Concertgebouworkest.

donderdag 14 april 2011

Harpduo Bilitis zondagmiddag in hal Oosterpoort

Harpduo Bilitis: Ekaterina
Levental en Eva Tebbe
Op zondag 17 april, 's middags om 16:00 uur, presenteert Impresariaat Da Ponte uit Amsterdam, in de persoon van Mark Doorn, in de hal van ons stedelijke cultuurcentrum De Oosterpoort. Het gratis toegankelijke middagconcert dat zal worden gegeven door het harpduo Bilitis, bestaande uit Ekaterina Levental en Eva Tebbe. Dit concert wordt gegeven ter gelegenheid van het verschijnen van hun nieuwe cd, die dan eveneens zal worden gepresenteerd. Die beide dames zullen stukken spelen van hun nieuw opgenomen stukken. Zonder twijfel zullen er muziekliefhebbers zijn die de dames en hun cd uit 2007 kennen.
Voorzijde boekje van de in 2007
uitgekomen cd van Duo Bilitis.
Daarop is muziek te vinden van vier vooraanstaande componisten, drie uit Frankrijk en één uit België, met muziek uit een periode die ongeveer een eeuw bestrijkt: van ongeveer 1835 tot circa 1935. Alle stukken in kwestie zijn arrangementen voor twee harpen van oorspronkelijk voor andere bezetting(en) geschreven composities. Daarbij gaat het om stukken van César Franck (1822-1890), Claude Debussy (1862-1918), Gabriel Fauré (1845-1924), Maurice Ravel (1875-1937). Welke composities op de nieuwe cd voorkomen, zal de toehoorders zondagmiddag worden verteld.

woensdag 16 maart 2011

De executie van Mozart door Stefan Vladar

Weh spricht: Vergeh! doch alle Lust will Ewigkeit — . . . . .

Vakbekwaam om zeep geholpen

Eigenlijk zou deze reactie op het tweede concert [1] van het Noord Nederlands Orkest in het kader van het Mozart Festival 2011 [2] in Groningen met één korte zin kunnen worden omschreven: Op de partituren stond Mozart.
Aangezien ik besef dat dit voor tal van lezers ─  en vooral voor hen die de uitvoering in kwestie niet hebben bijgewoond te weinig is, vul ik die zin hier en nu toch nog maar met een paar woorden aan: Het werd een volmaakte executie.


Doodlopende moerasweg

Artistiek manager van het NNO, Marcel Mandos, stelt in zijn Voorwoord ─ dat is afgedrukt in het programmaboekje voor de drie concerten van zijn orkest in het kader van dat Festival ─ dat er door de uitvoeringen die Stefan Vladar zal geven, een weg gevonden zou kunnen worden om Mozart uit te voeren, welke ligt tussen die van het gebruikelijke, eigentijdse symfonieorkest aan de ene kant en een authentieke uitvoering anderzijds. Bij Stefan Vladar is helaas (bijna) alles vlees noch vis en in het gunstigste geval een semi-authentieke uitvoering, maar dan moet je als luisteraar toch uiterst welwillend zijn.
Mijn tegemoetkomende houding blijft in dit geval veilig achter slot en grendel nadat we tweemaal goed een half uur een conglomeraat van grofstoffelijke trillingen voorgezet hebben gekregen, welke met Mozart in het gunstigste geval niets meer van doen hebben dan in aanleg goede bedoelingen, en zulks is veel te weinig voor een dirigent die een professioneel orkest moet leiden ─ ach wat: een pianist die de ambitie heeft te dirigeren. Ambitie alleen is echter nimmer voldoende.
Die andere gastdirigent van het NNO heeft kennelijk een eigen goudschaaltje dat hem vergezelt, waardoor noch pianist, noch dirigent Stefan Vladar deze even kon lenen.

Tempi, frasering, articulatie

Marcel Mandos heeft het in genoemd Voorwoord terecht over frasering en articulatie. Die had  Stefan Vladar echter ergens onderweg tussen het punt van uitgang vol goede bedoelingen en zijn betreden van het podium verloren, en zoals het nu lijkt tot in eeuwigheid. Wat een hoop lawaai in de ouvertures en tevens in de orkestpartijen van de pianoconcerten, en wat een volkomen losgeslagen solist, die af en toe nog wat gebaren maakte naar de 33-39 instrumentalisten van het ensemble. 
Pianist en dirigent in Mozart-
pianoconcerten Stefan Vladar.
Twee minuten, vanaf de inzet van het tweede deel van het laatst gespeelde pianoconcert, leek het er op of pianist Vladar toch nog op zijn schreden van onbedaarlijke verwildering zou terugkeren, doch onze hoop werd al snel, Mozart achterna, het podium ingestampt.
Desniettenmin zijn er nog steeds orkestleden en NNO-bezoekers die hopen dat deze Stefan Vladar als opvolger van Michel Tabachnik zal worden gekozen. Hoe doof en blind kunnen muziekliefhebbers zijn?

Hoewel ik te netjes ben opgevoed om zoiets in het openbaar te doen, had dit concert van Stefan Vladar moeten worden bejegend met een luidkeels Foei!
Nog een geluk dat Mozart over de macht en de kracht der wederopstanding beschikt en daarmee onsterfelijk is en blijft.

__________
[1] Dirigent en solist: Stefan Vladar.
Op het programma: Ouverture Così fan tutte; Pianoconcert nr. 20; Ouverture Don Giovanni; Pianoconcert nr. 23.

Dinsdag 15 maart: De Oosterpoort, Groningen.
Woensdag 16 maart: Martinikerk, Sneek.
[2] Het Mozart Festival zal komend weekeinde worden besloten met het derde NNO-concert in deze reeks, eveneens onder leiding van Stefan Vladar, met daarin Mozarts Krönungsmesse en diens Requiem. Naast deze genoemde doet zowel het Noord Nederlands Concertkoor, alsook een keur van vocale solisten mee.
Vrijdag 18 maart in De Lawei in Drachten.
Zaterdag 19 maart in De Oosterpoort in Groningen.

vrijdag 1 oktober 2010

Michail Jurowski, het NNO en Dmitri Sjostakovitsj

Weer eens toporkest
De afdeling publiciteit van het Noord Nederlands Orkest wil nog wel eens leuk uitpakken door het eigen ensemble als toporkest te afficheren, en dat leidt wel eens, nu en dan begrijpelijk, tot enig meesmuilen, zeker als je eens of meermaals achtereen een concert hebt bijgewoond waarvan de kwaliteit niet boven de, weliswaar goede, middelmaat uitkomt. 
Maar dan plotseling verschijnt er een gastdirigent, die je niet uit eigen ervaring kent, maar wiens reputatie hem is vooruitgesneld. 
Dat was het geval met Michail Jurowski die voor het zomerreces van het ensemble in Groningen en Leeuwarden een concert van het NNO zou leiden. Het werd een openbaring: die Zevende Symfonie van Dmitri Sjostakovitsj klonk alsof een Russisch toporkest op tournee even Stad aandeed om te laten horen wat het kan. Een groter compliment kan ik niet verzinnen.

Viktor Libermann: "Neem een Rus"

Die combinatie — Sjostakovitsj en Jurowski — bleek een wel heel gelukkige en geheel en al in overeenstemming met het gevoelen, en het dienovereenkomstig uitgesproken advies, van de toenmalige chefdirigent van het orkest, Viktor Libermann (1931-1999), die zelf de Zevende zou leiden, maar inmiddels te ziek was. Daarom werd het opus van het programma verwijderd. "Neem een Rus", heeft die dirigent als goede raad meegegeven. Daaraan heeft de leiding van het orkest voldaan, na een interim-leiding. Daarna werd Alexander Vedernikov benoemd. Het bleek geen gelukkige combinatie. Hoewel menigeen dat aan de kwaliteiten van Vedernikov weet, bleek dat al te gemakkelijk: ik heb de man daarna, maar dan elders, voortreffelijke muziek horen maken.

Ideale combinatie (1) — NNO met een een Rus
Diverse seizoenen was nog een Rus, Nikolaj Aleksejev, gastdirigent. In diens tijd in Groningen heeft hij driemaal een symfonie van Dmitri Sjostakovitsj met het NNO uitgevoerd: de Vijfde, de Elfde, en — zijn laatste concert alhier — de Achtste. Allemaal uitschieters in de best denkbare zin. We hebben wel eens het gevoel gehad dat de man in Groningen niet voldoende naar waarde werd geschat. Het zou mooi zijn als hij de komende jaren, nu Michel Tabachnik in dit seizoen voor het laatst in Groningen optreedt, zich weer eens op de podia van het NNO zou kunnen vertonen.


Ideale combinatie (2) — NNO met nog een Rus
Toen het ensemble eindelijk toe was aan Sjostakovitsj' Zevende — een 'monsterproductie' die hier en daar met 147 instrumentalisten wordt uitgevoerd; in Groningen en Leeuwarden waren het er 104 —, werd de combinatie Jurowski/NNO daarvoor gecreëerd, en in de programmering van het seizoen 2010/2011 werd Sjostakovitsj' Tiende op de rol gezet. Gisteravond werd de eerste van twee uitvoeringen van die Tiende gerealiseerd — vrijdag 1 oktober volgt een herhaling in Hoogeveen —, en ook deze keer bleek Jurowski het uiterste uit de musici van ons — dus toch onvolprezen — orkest te kunnen halen. Niet alleen verdient dat bewondering, het zorgt er tevens voor dat eerder uitgesproken verlangens thans opnieuw bovenkomen: zie dat die Michail Jurowski hier vaker komt, en nog beter: probeer de man te contracteren voor een reeks concerten per seizoen. Helemaal geweldig zou het zijn als Michail Jurowski chefdirigent van het Noord Nederlands Orkest zou kunnen worden. 

Honderdvijftig jaar orkest in Groningen

Die combinatie van, zo nu en dan, toch nog ietwat verborgen, kwaliteiten zou er misschien voor kunnen zorgen dat het Fries-Drents-Groningse muziekgezelschap in de zomer van het eigen jubileumjaar 2012 [1] zou kunnen optreden in de BBC Proms, met onder meer die Zevende van Sjostakovitsj. Ik zal dat daar, bij de BBC in Londen, eens aankaarten. Een paar seizoenen geleden klonk die symfonie onder leiding van Kurt Masur met diens Orchestre de Paris tijdens zo'n Prom op het podium van de Royal Albert Hall. Het werd een uitstekende uitvoering, maar ook niet een nog betere dan het NNO met Jurowski heeft afgeleverd. Simpelweg omdat het niet nog beter kan. Ergo: wat let ze daar, en toch al helemaal als dit ensemble, het oudste symfonieorkest van ons land, dan jubileert.
In fortissimo jubilo, zal ik maar zeggen.
Dat die bepaald niet gemakkelijke en deels, begrijpelijk, agressieve Tiende van de Grote muziek-Rus van de twintigste eeuw goed viel bij de toehoorders in de slechts voor de helft gevulde Oosterpoort-zaal, bleek onder meer uit de doodse stilte tijdens de muziek — en dat maak je alleen mee in uitzonderlijke gevallen.



Uiteindelijk kun je vaststellen dat de combinatie van dit ensemble met deze dirigent wel bijzonder goed moet zijn, want na afloop applaudisseerde zelfs het voltallige orkest voor deze maestro mee in de ovatie van de toehoorders.
Toegegeven, in mijn begintijd als criticus was dat een grote zeldzaamheid: bijna vier decennia geleden deden de toenmalige NFO-leden het voor Hiroyuki Iwaki, na de Vierde van Tsjajkovksi; daarna heb ik het, tot gisteravond, niet weer van ons voltallige orkest meegemaakt. Elders komt het meer en meer voor.
__________
[1] Op 14 november 1862 was het muziekgezelschap in Groningen het eerste in Nederland dat voldeed aan de kwalificatie symfonieorkest.
____________
Afbeeldingen
1. Michail Jurowski, gastdirigent van het NNO in 2010.
Foto overgenomen van diens website.

2. Nikolaj Aleksejev, jarenlang vaste gastdirigent van het NNO, thans gastdirigent van Het Gelders Orkest. Hij nam met dat ensemble in 2009 Sjostakovitsj' Tiende op. (Foto: HGO.)
3. Dmitri Sjostakovitsj. Schilderij van Michael Buter, Groningen, tevens ©. Dit schilderij hing gisteravond aan een zuil in de hal voor de grote concertzaal van De Oosterpoort.